bij het scheepvaartmuseum

bij het scheepvaartmuseum
Als schipper van het V.O.C. schip de Amsterdam
Posts gesorteerd op relevantie tonen voor zoekopdracht motorbaasje. Sorteren op datum Alle posts tonen
Posts gesorteerd op relevantie tonen voor zoekopdracht motorbaasje. Sorteren op datum Alle posts tonen

donderdag 23 april 2015

Het motorbaasje


Nu de anekdote over mij als aflosstuurman op de Vedette van Beck’s Scheepvaartkantoor.


Eigen foto uit die tijd


De Vedette van 1967: Laadvermogen 750 ton, Bronsmotor 350 pk, snelheid 8 knopen.
Regelmatige dienst: Vasteland Europa – Engeland, veel kleine havens waar je je thuis voelde in de local pub.
De bemanning bestond uit: Kapitein, stuurman, machinist, drie matrozen en een kok.
De kapitein was een rustige man van rond de 40 jaar, hij reed motor welke hij aan boord had staan. Als het maar even kon ging hij hiermee naar zijn Bep in Oosterhout. In Engeland gaf mij dit iets meer vrijheid, dus mijn auto aan boord genomen zodat ik me gemakkelijker kon verplaatsen.
Deze Vedette blijft in mijn geheugen staan door het motorbaasje die de vaste machinist kwam aflossen.
Op zekere dag kwam de kapitein de messroom binnen: ‘Meester, je mag een paar weken met verlof en wij krijgen er die lul van een motorbaasje voor terug (motorbaasje was al eerder aflosser op de Vedette geweest). Het is ook de enige keer geweest dat ik deze kapitein een ruw woord heb horen zeggen over een bemanningslid.
Een dag later stond het motorbaasje op de kade in Antwerpen. De meester en ik stonden aan dek en namen zijn bagage aan. De jongeman stelde zich voor als de nieuwe hoofdmachinist lerend voor VD*. ‘Dat zal met deze stuurman en matrozen geen probleem zijn, zij weten wel waar en bij wie je moet zijn voor VD*’ zei de meester. Ons nieuwe motorbaasje keek hem wat vragend aan, maar ging mee naar de messroom voor koffie. Binnen een half uur wisten wij hoe goed hij was en dat hij de schipper van de reddingboot kon vertellen hoe hij een schip moest vlot trekken van de banken bij Hindeloopen. Zijn kennis van de machinekamer van de reddingboot kon men niet evenaren, er lagen op kantoor bij de K.N.R.M. in IJmuiden al diverse rapporten van hoe het moest. ‘Er zal weer een hoop werk voor mij te doen zijn als ik na deze periode weer op station Hindeloopen kom. Maar eerst ga ik jullie het Antwerpen laten zien van de zeeman bij nacht, het eerste biertje is van mij', zei motorbaasje (de gehele bemanning ging altijd naar de bioscoop, wij waren wereldvreemd in de zeemanskwartieren). 
De meester ging maar een dag later naar huis, want hij wilde het aangeboden biertje niet missen en het nachtleven leren kennen onder begeleiding kon hij wel verantwoorden tegenover zijn verloofde.
In het oude Schipperskwartier was er een regel, vanaf het centrale plein waar alle straten begonnen, bevonden zich aan de rechterkant de gelegenheden zoals bars en de verlichte ramen met vrouwen.
Aan de linker zijde vond men de gelegenheden waar men ‘vrouwen’ aantrof met een handvat van voren en er zaten mooie stukken tussen. Zo ook in de animeerbar waar ons motorbaasje ons op een biertje trakteerde. Hij kreeg een compliment van ons omdat hij ons door  zijn kennis en ervaring mee liet genieten van een gelegenheid met zulk mooi vrouwelijk schoon en waar het bier zo goed getapt werd.
Na ons tweede biertje vroeg de Lady boy die achter de tap stond of de madammekes aan de bar mee mochten drinken, zij dronken graag een piccolo (5x de prijs van een biertje). ‘Doe de glazen vol!’ zei ons motorbaasje. ‘Ho ho vriend,’ zeiden wij in koor, ‘er is hier geen gezamenlijke rekening!’ ‘Geen punt! Ik wil zo nog even achter het gordijn met zo’n stoot, zet de fles alvast maar in de koeler.’ Even later ging hij achter het gordijn op de bank van de Dennis Bar met zijn Bunny en wij namen nog maar een fluitje en wachtten tot het gordijn weer werd geopend. Na terugkomst aan de bar vroeg ik hem of hij nu gemakkelijk over drempels kon stappen, dit beaamde hij. De volgende morgen onder de koffie wilden wij wel eens weten hoe het achter het gordijn was geweest met een man in dameskleding. Hij begon een ietwat te kleuren en haperde: ‘Het maakt toch niet uit hoe en door wie je het hoogtepunt bereikt?’ ‘Ja knul, daar zul je gedeeltelijk gelijk in hebben want als de druk hoog is, is er altijd wel een helpende hand. Maar als wij ter kooi gaan zullen wij onze hutdeuren op slot doen zolang jij bij ons aan boord verblijft.’
Het is later toch goed gekomen met het enige en beruchte motorbaasje.
Enkele jaren later, toen ik al kapitein was, kwam hij als aflosser aan boord. Dit deed de 1e stuurman zeggen: ‘Die lul van een…’ Toen hij als kapitein bij Beck voer op de Proton van 1964, had hij de kennis en ervaring van het motorbaasje mogen ervaren.
Laatst las en zag ik ergens dat het enige en beruchte motorbaasje (Jantje) getrouwd is en een klein kind op schoot had. Maar ja, Antwerpen met zijn Schipperskwartier en de Vedette zullen wel altijd als een zwarte bladzijde in zijn leven blijven.

VD* 1 hij leerde voor het Voorlopig Diploma van scheepswerktuigkundige.
VD* 2 slaat op Venereal Diseases; Engels voor geslachtsziekten.


De Victress, ook uit mijn fotoalbum


Op de Victress. Bouwjaar 1963, 650 laadtonnen met een bemanning van 7 personen. Hierop maar enkele weken afgelost. Havens Antwerpen - Ipswich – King’s Lynn – Antwerpen – Middlesbrough en hier even een biertje in the Captain Cook, hierna uiteraard naar nachtclub The Bongo voor de Vodka and Lime en je werd wakker met pijn in hoofd. In Rotterdam van boord want ik moest naar de Comtesse.


Comtesse



Comtesse, 1000 ton laadvermogen, tussendekken, 750 pk Bronsmotor, snelheid 11 knopen, bemanning 9 personen. Een echt stukgoed schip.
De Comtesse lag in Duinkerken op mij te wachten, mijn collega was spontaan naar huis gegaan.
In een charter bij Van Uden, een lijndienst: Franse havens - Marokko.
Hier maakte ik kennis met een ander type kustvaart kapitein.
Laat ik hiermee beginnen, hij verstond zijn vak.
Een kapitein die je met U moest aanspreken, kortom men moest respect tonen want hij was de zoon van een Friese ondernemer (pa verkocht het ochtendblad op C.S. Leeuwarden).
Het was voor twee rondreizen en bij het van boord gaan zei ik hem: 'Als ik ooit op C.S. Leeuwarden kom, koop ik daar een ochtendblad', hij gaf mij geen hand.
Hierna als aflosser naar het zusterschip Arrow, deze voer in lijndienst Portugal – Bristol met Portwijn en stukgoed.
De kapitein van de Arrow hield van de verdeel en heers mentaliteit op zijn schip. Ik was niet helemaal zijn stuurman, in de Golf van Biskaje heb ik de soeppan waarin hij zijn onderbroeken stond te koken met inhoud en al te water gelaten. 
Bij afmonstering had hij een bedrag van Hfl. 75, =  in rekening gebracht op mijn eindafrekening, welke ik uiteraard weigerde te tekenen voor akkoord. Bij thuiskomst wilde het hoofd personeelszaken, de heer Volmer wel precies weten waarom er een weigering was. Eerder kon er geen gage-afrekening worden opgemaakt. 
Na mijn verhaal aangehoord te hebben zei hij: ‘Ik mag hier niet alleen over beslissen.’ Enige dagen later telefoon van Beck Scheepvaart hoofd technische dienst: Men vond wel dat de kapitein juist had gehandeld, maar ik had de kapitein hierop moeten aanspreken op deze wijze: ‘Een pan behoort te worden gebruikt waarvoor hij is gemaakt.’ Hij zou de kapitein verwittigen om een aantal wasemmers te bestellen zodat de rederij niet weer op onnodige kosten zou worden gejaagd en er was ook een nieuwe pan besteld voor de kok. Hij zou mij graag over enkele maanden aan boord zien van het schip dat nu in de afbouwfase lag. De kapitein Jan de Boef had graag gezien dat ik daar als stuurman aan boord kwam.


Tycha


Nog even naar de Tycha voor zes weken, deze voer in lijndienst Portugal – London, wijn en stukgoed. Deze kapitein zag ik alleen als het schip voer en bij aan- en afmeren. Er hing altijd een geur van whisky om hem heen. Een half uur na aankomst ging hij van boord met de woorden: ‘Lading problemen zijn er om op te lossen stuurman.’ Een half uur voor vertrek stapte hij weer aan boord: ‘Alles zeevast en is het schip zeeklaar stuurman? Waarschuw dan de machinekamer, over een half uur voor en achter*’ De man heeft zijn pensioengerechtigde leeftijd niet gehaald.

*Voor en achter - een uitdrukking om de bemanning te waarschuwen: we gaan aan- of afmeren, ga naar de trossen.



Vanessa

Vanessa nog een keer


Vanessa was het tweede schip van Beck in de 75 meter grens, zij had een laadvermogen van ruim 3000 ton, een motor van 1500 pk welke haar een snelheid gaf van 10 knopen. Een bemanning van 10. Ziet u het verschil in bemanning en tonnen? Vedette 7 man 750 ton, de Vanessa 10 man 3000 ton. Dit schip was zeer geschikt voor bulk en lange lading, dit laatst gingen we ook gelijk doen na de proefvaart. Een time charter voor twee maanden, stalen pijpen voor oliewinning laden in Delfzijl en lossen in Immingham aan de Humber. In ballast terug. Twee maanden lang geen café- of pubbezoek maar laden en lossen en gelijk weer naar zee. Hierna twee maanden een dienst met staal van Antwerpen naar Bilbao, in ballast naar Bayonne, mais voor Antwerpen en weer terug naar Bilbao, dit waren havens voor de sociale contacten.
Maar als zo vaak bij mij, na verloop van tijd wilde ik een ander vaargebied. De medisch adviseur van de Scheepvaartinspectie vond het goed als het maar geen tankers of slepers waren. Dit moest ik 30 jaar lang aanhoren bij mijn jaarlijkse medische keuring. Hij kon het altijd opvragen bij de Waterschout* op welk schip ik voer.
Er stond weer iets op mijn spaarbankboekje, dus maar even drie maanden terug naar de zeevaartschool voor het Aanvullingsdiploma en het Radarnavigator diploma. De Scheepvaartinspectie gaf mij het Bewijs van diensttijd om als kapitein te mogen varen onder Nederlandse vlag.


De Vedette anno 2012 in West-Indië en nog steeds in de vaart.
Mijn blauwe rand op het dak van het stuurhuis heeft ze nog steeds!


* Waterschout is de ambtenaar van Aanmonstering, deze controleert je arbeidsovereenkomst, of je de juiste diploma’s voor het betreffende schip hebt plus je medische gegevens. In mijn vaartijd zat er een schout in Amsterdam (gebouw de Droogbak), in Rotterdam zat hij in een gebouw aan de Boompjes.


Recht zo die gaat!
F.L.Woodleg


donderdag 21 januari 2016

NOSTALGIE met een FUTURE






Bij het opruimen van mijn scheepskist (december 2015) vond ik nog een oude schoolagenda van het schooljaar 1974 -1975.
Toen ik er doorheen begon te bladeren kwam de nostalgie weer tot leven door alle aantekeningen. Van een leven dat door mijn vingers is geglipt. Ik zette een muziekje op van de voor mij onvergetelijke Tante Leen met Johnny Jordaan. 
(Gon vindt het verschrikkelijk dat ik dit schrijf over het duo, zij vindt het afschuwelijke muziek) 
Tante Leen had in de jaren zestig een café op Nieuwendijk 103, Johnny gaf daar vaak een gastoptreden als hij nuchter was.
Ik zat weer in het oude Amsterdam van Jacques Brel. Ik vulde mijn glas nog maar eens. Nam Manneke op en zette hem naast mijn laptop.
‘Hé, ‘ zei Manneke de Brusselaar zoals zijn naam voluit is, ‘ik herken die schoolagenda! Ga je over die tijd schrijven Papa?’
Buiten is het winter met temperaturen van veel onder nul. Sim (hond) houdt niet zo van dit weer en houdt zich slapende onder m’n bureau. 
'Je geeft het een naam NOSTALGIE met een FUTURE. Als het je lezers niet boeit is er voor hen altijd nog de knop sluiten.'

Deel 1...


Vanessa.
Foto geleend van Stuurman Jaap Hischmang.


Hierboven: Terneuzen; in 1990 voer de Vanessa nog steeds voor Beck onder gezag van de kapitein van de Vedette uit mijn blog 'Motorbaasje'. 
De Vanessa is op 3 januari 2008 vergaan in de Zee van Azov (klik) met een lading oud ijzer en voer op het laatst onder Bulgaarse vlag, callsign LZRJ. Haar naam was nog steeds Vanessa.

Antwerpen.
Begin september 1974 afgemonsterd van de Vanessa van Rederij Beck’s. Kapitein Jan de Boef had mijn monsterboekje afgetekend, einde dienstverband als 1e Stuurman.
Mijn aflosser, een Egyptenaar en een gewezen Suez kanaal loods, stond in Antwerpen op de kade met zijn koffers. Janna was naar Antwerpen gereisd en had trek in een Vlaams frietje. Manneke kreeg een plekje in haar schoudertas. We namen een avondje Schipperskwartier en een Bolleke bij Dennis in zijn Dennis Bar (zie mijn log Het motorbaasje (klik). Op het plein bij de frituur een frietje met een vleesstick. Bij Coco in haar ijssalon een sorbet met een extra wafel voor Petit Pierre, mijn stukje Antwerpen. Later op de avond zagen we de kapitein nog schuiven* door het Schipperskwartier. We lieten hem maar kijken naar de lichtekooien.
Een kamer in Hotel Florida voor ons ontbijt met spekpannenkoeken, voor mij met stroop. In de trein naar Amsterdam koffie met een saucijzenbroodje. Tijd voor het Aanvullingsdiploma, een studie van drie maanden aan de Zeevaartschool, die mij de mogelijkheid zou geven een hut aan boord te krijgen welke zich een dek hoger bevond.
‘Bij thuiskomst graag Hilary bellen Peter, daar heeft ze om gevraagd,’ zei Janna. De meiden belden regelmatig met elkaar. 
‘Ze verblijft bij haar ouders in Limehouse.’
Hilary Goldappel bood aan om naar Amsterdam te komen.
‘Ik ga je privéles Engels geven my dear, je hebt het nodig nu Engels een hoofdvak is geworden. Dat begreep ik tenminste van Janna. Jouw uitspraak van Engels zit op het niveau van een havenarbeider, dat vinden we beiden. Daar komt bij dat ik tijdelijk uit het leger ben gegaan, 31 augustus was mijn laatste dag en ik mocht met verlof voor 3 jaar. Ik hoop een baan te vinden bij een burgerziekenhuis in de operatiekamer. Janna vertelde me dat er in Amsterdam uitzendbureaus zijn die kunnen bemiddelen in tijdelijk werk in de zorgsector. Op deze manier kan ik voor Artsen Zonder Grenzen UK (AZG UK) werken. Vanuit het leger kon dit niet.’


Kadijksplein met geheel links de zeevaartschool.


De woonruimte van Janna boven De Druif was te klein voor drie personen voor een langere periode. Ik ging bij Hammy langs of hij nog een appartement te huur had boven de Ponderosa bar in de Warmoesstraat, dat had hij. Als tegenprestatie wilde hij wel dat er in de weekeinden ‘s avonds weer saté werd gebakken door Pierre Saté in zijn bar-discotheek.
‘Het personeel zal je omarmen vriend!’
Hilary vond het een leuk tijdverdrijf om mij te helpen achter de grill en zo leerde zij Nederlands met de Amsterdamse tongval. Woensdags was ‘Deurne dag’. Deurne is gelegen in de Brabantse Peel. Met Janna aan het stuur van haar mini naar Deurne om de saté die mijn zuster Loes had voorbereid op te halen, haar man Gerrit had daar een slagerij. 
Verser en goedkoper kon mijn vlees niet zijn. Mijn zuster maakte dan die dag altijd een kleine Indische rijsttafel voor ons. Voor mij zou het een relaxte studieperiode worden op de Hogere Zeevaartschool. Vier middagen in de week en woensdag was een vrije dag. Een klas van drie cursisten. We hadden twee hoofdvakken, Astronomische Plaatsbepaling met Engels in woord en geschrift. Janna was er verder altijd in het weekend, na sluitingstijd van De Druif sprong ze op haar fiets en racete dan naar de Warmoesstraat. Zo konden we in de weekenden gezamenlijk ontbijten en op de zaterdagmiddag een bezoekje brengen aan de cinema. Langs de lunchroom op de Nieuwendijk nr. 108 voor koffie met een saucijzenbroodje of de warme appelbol en als toetje gebakken ijs. De bediening werd door dames in het zwart gedaan met wit kanten schortjes voor.
Op zondag was uitslapen, bij goed weer in de middag op de fiets door Oud Amsterdam met een frietje in de Voetboogsteeg. Maandag in de loop van de morgen met z’n drieën op de fiets naar het Rapenburgerplein voor koffie in De Druif. De meiden gingen aan de schoonmaak, de glazen kregen een poleerbeurt. Lopend ging ik dan door naar school over de brug van de Scharrebiersluis, vernoemd naar café Scharrebier, dan het Kadijksplein over. 
De vaste vraag met commentaar van de leraar Engels voor de les begon: ‘Was het weer een zwaar weekend voor u meneer Jochems? Uw saté was weer voortreffelijk, maar een volgende keer graag meer stokbrood. Uw vriendin spreekt zeer beschaafd Engels, daar heeft u een goede steun aan.’
Hij woonde op de Zeedijk boven café de Rode Laars, was ongetrouwd en werd in de buurt Bram de Engelsman genoemd. Eens was hij Marconist geweest op de schepen van Vinke & Co.


Scharrebiersluis met draaibrug.


* Schuiven = een zeemansuitdrukking: met een borrel teveel op lopen.

Het vervolg deel 2: december examen in Den Haag, met de trein naar Antwerpen, Brussel, Parijs.

In de rechterkolom bovenaan het lied Dans le port d'Amsterdam - Jacques Brel uitgevoerd in de Nederlandse versie door Liesbeth List.


Recht zo die gaat!
F.L.Woodleg




zaterdag 11 juli 2020

De lockdown in de Achterhoek





De stilte is hier heilzaam, maar mijn hoofd is ook nog vaak bij de scheepvaart met ook diens passie voor de havenkwartieren. De natuur is daar ook mooi.
Laat ik beginnen met Hamburg en de Reeperbahn. Die naam is afkomstig van het touwmakersbedrijf (reepschlägern = touwslagerij), het in elkaar draaien van scheepstouw, in het Nederlands een lijnbaan genoemd.


De lijnbaan van een touwslagerij


Met de Reeperbahn met veel cafés en discotheken, wordt ook het gehele prostitutie gebied van Hamburg aangeduid. Het is een lange straat van ca. 1000 meter met de Herbertstrasse, achter de hekken van de straat bevinden zich de bordelen, tippelprostitutie, raamprostitutie. Een andere bekende straat in dit gebied is de Grosse Freiheit met zijn Beatles-Platz en zijn Star-club waar vaak The Beatles speelden in de vroege jaren '60. Veel zeelieden zullen ook vaak een biertje genomen hebben in de Bontekoe. Na middernacht is het nog steeds voetjes van de vloer in St. Pauli. De namen zijn veranderd, nu gaat men naar Angie’s Nightclub of the Docks of de Kir voor gay. Tegenwoordig zien we aan de oostelijke zijde van de Reeperbahn een kantorencomplex met een metrostation St. Pauli. Zou men zoiets ook in het gemeentehuis van Amsterdam kunnen bedenken voor de Wallen met de prostitutie, zij laten het liever uitwaaieren door de hele stad, net als in Rotterdam.

Nu nog even iets over het Schipperskwartier in Antwerpen. Nog niet zo lang geleden lieten zowel toeristen als Antwerpenaren deze wijk liever links liggen. Het was een vreemde buurt met madammekes van plezier, tattooshops en louche bars (lees over het Motorbaasje (klik). Nu is er een gedoogzone van nog maar drie straten met rode lichtjes hier en daar, een kleurrijke volkswijk met authentieke cafés, je vindt er ook trendy eethuisjes. Op het Falconplein nog steeds het oudste Chinese restaurant van Antwerpen, dan Café d’Anvers, een omgebouwde kerk tot houseclub en het oude Red & Blue heet nu Cargo Club. Maak eens een ommetje met je kennissen van nu via de Schipperskapelstraat, Veemarkt, Klapdorp, het is de moeite waard. Er zijn prima B&B's nabij het station om rustig te bekomen van een geslaagd bezoek aan een oud zeemanskwartier. Onze tijd van remmidemmi is voorbij, denk er maar aan terug voor de loodsboot komt en je naar je ankerplaats begeleidt.



Recht zo die gaat!

F.L.Woodleg



zaterdag 8 juli 2017

Schepen van de redersfamilie Beck uit Groningen


Beck 1861 – 2003


Deze keer drie schepen van de familie Beck die de naam Vedette hebben gehad.

 
 
Vedette nr. 2 (1967)


 
Als beginnend stuurman gevaren op de Vedette (2), zij was wel de kleinste in tonnenmaat van de drie.
Een van de belevenissen op deze Vedette staat in mijn verhaal van 23 april 2015 Het motorbaasje (klik).
In
1983 Verkocht de rederij deze Vedette, ze behield haar naam met als thuishaven Groningen.
1987 Voer zij onder de vlag van St. Vincent and the Grenadines met de naam Vedette.
1998 Had deze Vedette als thuishaven San Lorenzo en op haar achterschip de vlag van Honduras.
2007 Zien we de Vedette geregistreerd in Georgetown op haar achterschip wapperde de vlag van Guyana.
2013 Bestaan van deze Vedette twijfelachtig. Er wordt wel aangegeven: De degelijkheid van de Groningse scheepsbouw met de groene Jan Brons hoofdmotor uit Appingedam als voortstuwing.

 

Vedette nr. 1 (1957) in het Kielerkanaal (Noord-Oostzeekanaal)

 
Vedette nr. 2 (1957) later als Rigina
 

De eerste Vedette was gebouwd in 1957 callsign PIEO. Zij was van het type half shelter dekker.
De eigenaren drie maal Beck, Jacob, Johannes en Klaas.
Ze had als hoofdmotor een Brons van 650 pk, 11 knopen op de scheepslog bij de proefvaart, laadvermogen 1030 ton, 59 meter (loa).
De geschiedenis van haar:
In
1962 Vaart zij met de Zweedse vlag, callsign SKLG, naam Westbris, thuishaven Skärhamn.
1976 Rigina Zweedse vlag, callsign SKLG, thuishaven Gävle.
1988 Rigina callsign J8GQ, haar vlag op het achterschip die van Guyana.
2015 Bestaan van deze eerste Vedette twijfelachtig.
 


De Seabee in 2014 (ex Vedette nr. 3).
Foto's afkomstig uit het Douwe Jorritsma archief.
 

In 1990 kwam de Vedette (3) in de vaart met een laadvermogen van 3500 ton, lengte 86 meter, motor een Mak van 1320 Kw.
Eigenaren Globecka, Nobecka, Tribecka met Vebecka.
Het geeft weer aan dat we met een stuk Groningse scheepsbouw van doen te hebben.
In
2003 Verkocht aan of overgenomen door Merweship B.V., naam Vedette.
2005 Vaart zij met thuishaven Douglas (eiland Man) op het achterschip rond. Callsign MGQV6, onder de naam Vedette.
2010 Alara, callsign SV4PR. Later in dit jaar kreeg ze de naam Seabee.
2014 Nog als Seabee, callsign E5U2864, maar met de vlag van Cook Islands.
 
Beck had voor zijn schepen Europa als vaargebied.
Na de verkoop gingen de Beck schepen vaak de grote wijde oceanen over.

 
 
De proefvaart van de Liberty (1952).
 
 
De Liberty, bouwjaar 1952, van de Rode Beck familie, callsign PFOT. Een 600 tonner met de Brons van 375 pk, type gladdekker.
In
1969 Is zij door Beck verkocht.
1976/77 zag ik haar nog in de Fiji archipel rondscharrelen onder de naam Papuan Liberty met de vlag van Papua New Guinea, thuishaven Port Moresby.
1978 Was de eigenaar de rooms-katholieke kerk uit Port Moresby, ze werd gebruikt als kerkschip.
1982 Heeft men haar laten zinken.
Een mooie afscheid van een schip waar menig feestje op is geweest in de kapiteinssalon in haar laatste jaren voor Beck.
 
 

Op deze foto de Liberty in de kleur 'Beck grijs'.
 
 

Het kantoor van Beck in Groningen.
 

Recht zo die gaat!

F.L..Woodleg