bij het scheepvaartmuseum

bij het scheepvaartmuseum
Als schipper van het V.O.C. schip de Amsterdam

maandag 2 november 2015

Er zal nog wel meer veranderen



Begin jaren zestig was er een nieuw type schip bijgekomen, het bevoorradingsschip (offshore schip) voor het bevoorraden van boorplatforms in de olie- en gasindustrie op de Noordzee.




De Claes Compaen, evenals de Thomas de Gauwdief waren enkele van de eerste Offshore slepers voor de Noordzee. Ze waren gebouwd in opdracht voor een Duitse rederij en toen zij verouderden werden ze aangekocht door een groep investeerders uit IJmuiden.
Met Claes Compaen hydrografisch onderzoek gedaan (olie en gas) bij de Falklandeilanden en bij South Georgia. Op de Falklands vonden Kok Klaas uit Ommen en bootsman Daan uit Groningen hun vrouw. Daan is bij zijn schoonvader op de boerderij gegaan en verbouwt nu de piepers voor kok Klaas. Deze Klaas liet een Fish & Chips wagen maken en gaf die de naam The Frying Dutchman. 




Hij gaat hiermee de eilanden af. Z’n schoonfamilie heeft de vissersvloot in beheer, dus verser kan de vis die hij bakt niet zijn.



Moderne offshore.
Afbeelding Wagenborg





Met de sleepvaart ging het hard bergafwaarts.
Het slepen van boorplatforms begin jaren zestig tot de jaren midden zeventig. Komende vanuit de Golf van Mexico of de Oost-Amerikaanse kust met een reisduur van 40 - 50 dagen over de Noord-Atlantic had tot gevolg dat op de slepers deze spreuk was ontstaan:
Geef ons heden ten dage een jop* en verlos ons van de sleep over de Noord-Atlantic naar de Noordzee.
Door speciaal ontwikkelde schepen die hun laaddek konden laten afzinken werd de tijdsduur van een dergelijk transport over zee flink ingekort tot 10 - 15 dagen.
De eerste waren naar een ontwerp van Nan Halfweeg, bergingsinspecteur bij Wijsmuller.




Zo ziet zo'n schip eruit als het laaddek is afgezonken.


De windmolenparken op zee vroegen weer om een ander type schip.
Vroon Offshore Services uit Breskens en de Koninklijke Wagenborg uit Delfzijl werden hier de leiders in.


Van Oord is een toonaangevende bouwer van windmolens op zee.


Er was een heel ander tijdperk aangebroken voor de zeeman. De zeevaartscholen moesten hier op inspelen.
De automatisering had zijn intrede gedaan en vereiste weer daarvoor opgeleide mensen. Het vak meet- en regeltechniek deed zijn intrede, computers aan boord voor de belading, elektronische zeekaarten met de begrippen Rasterkaart of Vectorkaart. Een GPS zodat de lieden van de bevrachting je kunnen traceren. Astronomische Plaatsbepaling was geen hoofdvak meer, maar werd een bijvak. Even een stop bij een exotisch eiland voor een glas melk met een krant erbij is voorbij. Automatic Identification System, kortweg AIS genoemd, weet bijvoorbeeld met wie je een aanvaring hebt gehad.
De marconist verdween en voor hem kwam een Inmarsat installatie met een NAVTEX ontvanger in de plaats. We doen er nog een EPIRB bij, een Emergency Position Indicating Radio Beacon voor het geval het schip afzinkt, dan kunnen we de positie bepalen waar zij is vergaan.
Ik mocht het nog meemaken de automatisering in de scheepvaart.
Maar ik ben nu blij dat ik, als ik nu in 2015 in mijn kooi kruip en ga liggen achter “kaap kont” er geen bellen of zoemers gaan van de bevrachting met bijvoorbeeld “Kapitein, graag iets sneller varen, dit is een order”.

  
* Jop: Een Jop is in de sleepvaart een bergingsklus, bijv. een schip dat op het strand is geraakt of een schip dat zich door motor- of roerschade niet kan verplaatsen. Een schip dat op de rotsen is gelopen, enzovoort. Neem bijv. de ramp met de Torrey Canyon in 1967, zie HIER (klik).

Rust zo die gaat!

F.L.Woodleg