bij het scheepvaartmuseum

bij het scheepvaartmuseum
Als schipper van het V.O.C. schip de Amsterdam

donderdag 17 maart 2016

NOSTALGIE met een FUTURE deel 9



Het leven in de oude jachthut





Woensdag
Rond de klok van zevenen moest ik eruit, evenals de anderen. Het was fris in de kamer en buiten nog erger.
Kachel aanmaken en koffiezetten. De dames schoten na het buitengebeuren weer links en rechts de bedstee in. De kachel trok goed op het wilgenhout, na een half uur stond ik water op te schenken voor de koffie. Ik deed er een plak koek bij met boter, het laatste om de buiken op maat te houden voor de nieuw aangekochte broeken. Ik vulde de kachel bij en kroop ook weer terug. Toen we weer wakker werden was het al na elven, maar wat gaf het, we hadden toch vrij? Op het pompenstraatje ons even opfrissen. Er werd geen make-up gebruikt.
'Nog even en mijn benen zijn als schuurpapier!' zei Janna.
Wat waren we eigenlijk verwend met al het sanitair en de CV thuis.
Onder de koffie overleggen wie, wat, waar en hoe. We wilden zo min mogelijk Giethoorn uit. Proviand, wijn en een biertje was ook hier te verkrijgen bij de kruidenier, daar was ook de wasserette.
'Irish koffie gaat niet lukken,' zei Els.
Ik wierp mij op als kok en deed het met liefde. Kachel aanmaken, zorgen voor de ochtend koffie, de warme maaltijd simpel Hollandse pot, toetjes kant-en-klaar. Zaterdag pannenkoeken met spek. Er ging een gejuich op dat in Giethoorn te horen moet zijn geweest. Er lagen wat boeken voor ons en wat spelletjes. Janna ging met Hilary naar Steenwijk op zoek naar Engels leesplezier en vijf maal een kingsize T-shirt en warme sokken voor na het douchen, ook voor iedereen een badlaken. Tante Jopie, Els en ik namen de andere punter om naar de kruidenier te gaan. Bij de wasserette wilde men de was wel voor ons doen, deze zou morgen weer klaar liggen. De gekochte proviand deed de man van de winkel keurig in dichte kratten. Deze graag weer terugbezorgen.
Ook even bij de familie Smit langs om te vragen hoe vaak we verse melk konden kopen. Hij wilde die iedere dag wel komen brengen en gaf het ons maar gelijk.
'Weer een volle pul mee, dan ben ik vandaag vrij. Zaterdagavond komen we rond de klok van achten,' zei hij.
'Wat vinden jullie lekker na de koffie en onder het verhaal?' vroeg Els.
'Voor de dames boerenjongens op brandewijn en voor mij graag oude jenever uit het vat van Jans Bokking*,' waarbij hij de gracht af wees. 'De andere kant op dan waar wij vandaan kwamen, daar bij de oude punter werf. Hij woont in de oude schuur erachter. Zeg maar dat ik jullie gestuurd heb, want anders wil die oude botenbouwer het misschien niet meegeven of hij rekent teveel aan jullie.'

 

 
We waren mooi voor 't donker terug. Alles werd op z'n plaats gezet, het bier en de melk stonden koel in de waterput.
Tante Jopie schilde de aardappels, ik waste de boerenkool en braadde de ballen gehakt aan die Els had gemaakt.
'Koffie of een biertje?' vroeg ik toen we klaar waren.
'Doe het laatste maar,' werd er gezegd. Het was al na zessen en nog geen teken van mijn bedstee maatjes. De klok wees zeven uur aan, de stamppot was klaar. We gingen maar eens naar buiten, in de verte hoorden we wat aankomen en ik gaf maar een brul. Els ging met de stallantaarn de steiger op en er werd teruggeroepen. Even later pakten we de lijntjes aan en een doos.
'Hup naar binnen, de boerenpot wacht!'
Onder het eten vertelden ze waarom ze zo laat waren.
'Hilary vroeg me: 'Weet je hier een eethuis in een privésfeer Janna? Liever niet op de laatste dag als het aan mij ligt.'
'Dat zal moeilijk worden meid, het is buiten het seizoen,' zei ik.
De Gouden gids met telefoonboek moesten mij redden. Ik dacht aan Schoterzijl (Bantega) en vond ‘Café het Sluisje’. Hier gingen mijn ouders vaak met mij naar toe toen ik nog kind was, met mooi weer op de fiets voor een sorbet. Café gebeld en gevraagd of zij tijd hadden voor een praatje.
Hilary onderweg uitgelegd waar we heen gingen, nu maar hopen dat het zou lukken. We werden ontvangen in het café gelijk een huiskamer.
'Wat een plek!' zei Hilary en dat moest ik vertalen.
'Ja,' zei de vrouw, 'we vroegen ons al af, wie komt er nu naar Schoterzijl om deze tijd van het jaar. We zijn dicht tot Pasen, ook de Camping. De sluis draait mijn man alleen op verzoek.'
Ik vertelde wie ik bij mij had, waar we een weekje verbleven en wat haar liefste wens was.
Zij kijken elkaar eens aan en zeiden: 'Dat doen we voor haar! Vrijdag a.s. rond de klok van zessen. Morgenvroeg even bellen wat jullie willen eten. Dan gaat Willem het vlees halen en ik ben de kok. Het wordt eenvoudig karbonade of houthakkers steak met garnering.'
We kregen daarna nog een drankje.
De terugweg nam ik over de (oude) Zeedijk, dus dames en kok, daarom zijn we zo laat,' zei Janna, 'wat mag ik morgen doorgeven voor de vrijdagavond op de Sluis?'
 
'Nu is het douchetijd Peter, steek jij de geiser aan? Eens kijken of de T-shirts met de sokken de juiste avondkleding gaan worden.'
Toen een ieder weer fris in zijn stoel zat bij kaarslicht met een wijntje, vertelde ieder z'n toekomstplannen. Om twee uur deed ik voor het laatst hout op de kachel. Het droogrek werd ingeklapt, de badlakens waren droog, de kaars was bijna opgebrand. Nog even naar buiten kijken, ik zag een klein stukje maan over het water schijnen, schonk me nog maar eens in en bleef zitten genieten van het uitzicht. Even later zat tante Jopie er ook met een glas wijn te genieten van het uitzicht. Wat was het stil, we hoorden alleen het zachte ademen vanuit de bedsteden.

* Jans Bokking.
Bokking was de bijnaam van de familie van Jans' vader.
Ze hadden een scheepswerf waar de Gieterse Bok werd gebouwd, ze verhuurden deze ook.
Een vrachtpunter van 12.50 meter lengte.
Een platbodem, de grootste uit de punterlijn, deze werden geboomd voortbewogen.
 
Recht zo die gaat!
F.L..Woodleg
 
 
p.s. Na het volgende deel (van de 15 delen) plaats ik hier als p.s.: De barometer als weerprofeet.